Langere vrouwen in India trouwen beter opgeleide mannen, met betere banen, en hebben minder kans om weduwe te worden dan kortere Indiase vrouwen. Dat concluderen sociologen Jeroen Smits (Radboud Universiteit Nijmegen) en Christiaan Monden (Universiteit Tilburg) in een artikel in het American Journal of Human Biology. Voor Indiase vrouwen doet lengte er dus toe – en dat is niet gek, want een lange vrouw is gezonder.
De lengte van een persoon (M/V) geeft een indicatie van diens kracht, gezondheid en of iemand een welvarende opvoeding heeft genoten. Vandaar dat langere mannen betere kansen op de huwelijksmarkt hebben – en dat geldt, zo is bij herhaling geconstateerd, vrijwel overal. Maar hoe zit dat met vrouwen? Omdat langere vrouwen gemiddeld genomen gezonder zijn, gemakkelijker baren en gezonder nageslacht krijgen dan kortere vrouwen, zou je verwachten dat langere vrouwen het óók beter doen op de huwelijksmarkt. Maar dat lijkt afhankelijk van tijd en plaats: soms doet hun lengte er wel toe, soms niet.
Arm land? Dan gezondheid belangrijk
Hoe armer de omstandigheden, des te belangrijker is de gezondheid van de vrouwelijke huwelijkspartner, veronderstelden sociologen Jeroen Smits en Christiaan Monden. Daarom analyseerden ze data uit India (uit Smits’ Database Developing World), waar 75 procent van de mensen minder dan 2 Amerikaanse dollars per dag te besteden heeft en waar moeder- en kindsterfte nog altijd hoog zijn.
Hun conclusie: langere vrouwen hebben in India gemiddeld meer succes op de huwelijksmarkt. Daaronder verstaan de onderzoekers: de kans dat een vrouw überhaupt trouwt; dat ze op jonge leeftijd trouwt; het opleidingsniveau van de echtgenoot; diens beroep; de kans op een (vroege) dood van de echtgenoot; de kans op echtscheiding.
Lengte doet ertoe
Hoe speelt de factor lengte hier een rol in? Wel: Indiase vrouwen tussen de 20 en 49 zijn gemiddeld 152 centimeter lang (Indiase mannen zijn gemiddeld 164 centimeter). De 10 procent kortste vrouwen (145 centimeter en korter) hebben 35 procent minder ‘kans’ om überhaupt te trouwen dan de 10 procent langste vrouwen (159 centimeter en langer).
De 10 procent langste vrouwen trouwen minder vaak voor hun 17e dan de kortste vrouwen (14 procent kleinere kans). Deze ‘kopgroep’ trouwde bovendien mannen die gemiddeld een half jaar langer onderwijs hebben gehad dan de echtgenoten van de kortste vrouwen. In een land waar mannen gemiddeld 7 jaar onderwijs volgen, is dat een groot verschil. De 10 procent langste vrouwen hebben dan ook een 28 procent hogere kans dan de kortste vrouwen dat hun man een ‘hogere’ baan heeft: iets technisch of in management, in ieder geval geen handwerk.
Scheiding en dood
Onder de langste vrouwen was de kans op echtscheidingen kleiner dan bij de kortste groep – al zwakken Smits en Monden dat resultaat wat af, omdat echtscheiding in India weinig voorkomt en burgerlijke staat en werkelijke gezinssituatie niet altijd overeenkomen. Onder de langste vrouwen zijn minder weduwen te vinden dan onder de kortste vrouwen – wat erop wijst dat de langste vrouwen met de gezondste mannen getrouwd zijn.
Indiase conclusies gelden niet overal
Ander onderzoek suggereert dat de lengte van vrouwen in rijkere landen een minder grote rol speelt voor de huwelijkskansen. In hoeverre de ‘Indiase conclusies’ van Smits en Monden ook voor andere arme landen gelden, vergt nader onderzoek.
Jeroen Smits en Christiaan Monden, ‘Taller Indian women are more successful at the marriage market’. American Journal of Human Biology, Early View, DOI 10.1002/ajhb.22248 (available online 23 februari 2012).