‘Psycholoog en huisarts samen in spreekkamer’

In zijn zojuist verschenen boek Bevrijd de psychologie betoogt de Nijmeegse hoogleraar Klinische Psychologie Jan Derksen dat er veel winst te behalen is als huisartsen en eerstelijnspsychologen gezamenlijke spreekuren gaan houden.

Derksen wil psycholoog in spreekkamer huisartsDerksen: ‘Mensen die met een probleem bij de huisarts komen krijgen meestal een behandeling die gericht is op het lichaam. Dat terwijl veel problemen een psychische achtergrond hebben. Daar wordt echter te weinig aandacht aan besteed, omdat de mensen die daar geschikt voor zijn – de eerstelijnspsychologen – in Nederland vooral in aparte kantoortjes zitten.’

 


Maar huisartsen kunnen toch ook naar het geestelijk leven van een patiënt vragen? Heeft niet juist de huisarts aandacht voor de mens als geheel?

‘Nee, helaas werkt dat in de praktijk niet zo. Het getuigt van een almachtsfantasie om dat te denken. Het is vaak al heel wat als de huisarts de juiste lichamelijke diagnose kan stellen. Voor de juiste benadering van psychische problemen is een compleet andere manier van kijken nodig en die moet je ook niet in één rol willen verenigen.’

Bent u niet bang dat mensen die voor een lichamelijk probleem naar een arts gaan een psychologische diagnose krijgen opgedrongen?
‘Nee, de eerstelijnspsycholoog zal geen diagnose stellen, dus geen label plakken. Ze kunnen echter wel bijdragen aan een proces van zelfontdekking en hebben een voorlichtende functie.’

Op welke manier kan dit bijdragen aan een kostenbesparing in de gezondheidszorg?
‘Mensen met vage lichamelijke klachten worden vaak alleen ter geruststelling doorgestuurd naar de specialist. Met de hulp van een eerstelijnspsycholoog die oog heeft voor het psychische welzijn van een patiënt, kan al veel eerder zekerheid worden gegeven. Bovendien blijkt uit wereldwijd onderzoek dat investeringen in eerstelijnspsychologie een flinke besparing opleveren in de intensievere en langdurige tweedelijnspsychologie.’

Binnenkort begint Jan Derksen met collega’s van het Radboud Medisch Centrum met experimentele gezamenlijke spreekuren.

Hersenonderzoek
Een ander belangrijk thema in zijn boek is wat Jan Derksen het ‘biologisch reductionisme’ noemt. Hij stelt de toenemende focus op hersenprocessen als verklaring voor menselijk gedrag aan de kaak, omdat ‘tegenwoordig alleen onderzoek met een hersenscanner wordt gewaardeerd. Daardoor wordt het onderzoek naar psychische patronen verwaarloosd, terwijl de mens naast een biologisch ook vooral een psychologisch en sociaal wezen is.’ / Freek Turlings

[in de prijzen] Proost! Neem nog een biertje

Hersenonderzoeker Floris de Lange heeft de Heineken Young Scientists Award voor cognitiewetenschap gewonnen. De jury noemt hem ‘een van de meest begaafde cognitiewetenschappers van dit moment’.

In de PrijzenWie bedenkt zo’n prijs?
De Koninklijke Akademie van Wetenschappen (KNAW) mag de prijzen toekennen, de Dr. H.P. Heineken Stichting en de Stichting Alfred Heineken Fondsen financieren het geheel. Er zijn twee soorten: de Heinekenprijzen en de Heineken Young Scientists Award. Deze laatste is voor wetenschappelijke toppers die niet langer dan vijf jaar geleden zijn gepromoveerd.

Waarom?
Heineken en de wijze waarop hersenen functioneren zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden.

Hoe kun je winnen?
Allereerst moet iemand besluiten je te nomineren. Dat is op zich al een flinke horde: alleen faculteitsbestuurders, KNAW-leden en soortgelijke notabelen kunnen een persoon voordragen. Daarna buigt een speciale commissie zich over die voordracht, om te beoordelen of de kandidaat geschikt is. Tot slot is het vakgebied van belang: de prijs is bedoeld voor vijf vakgebieden, biochemie en biofysica, geneeskunde, milieuwetenschappen, historische wetenschap en cognitiewetenschap.

En de winnaar is?
Floris de Lange (34), onderzoeker bij het Donders Instituut. Hij reageert trots. ‘Het was een volslagen verrassing, ik weet zelfs niet wie me genomineerd heeft, hoewel ik wel een vermoeden heb. Ik ben er heel erg blij mee, het is binnen mijn vakgebied een grote prijs’, aldus De Lange.

Wie is Floris de Lange eigenlijk?
De Lange promoveerde cum laude aan de Radboud Universiteit. Na een postdoc in het buitenland keerde hij terug bij het Donders Instituut. Inmiddels heeft De Lange ongeveer veertig publicaties op zijn naam. De jury roemt zijn ‘intellectuele diepgang’ en ‘overzicht over alle domeinen van de cognitie’. Ze noemen hem ‘een van de meest begaafde cognitiewetenschappers van het moment’.

Wat krijgt hij eigenlijk?
Een geldprijs van 10.000 euro en een kunstwerk.

Anders nog iets?
Ook Geert van den Bogaart wint een Young Scientists Award, op het vakgebied biochemie en biofysica. Van den Bogaart werkt nog niet voor de Radboud Universiteit, maar komt hier wel binnenkort in dienst. / Mark Merks

Jan Janssens stopt na vijftien jaar als hoogleraar

Jan Janssens stopt vandaag als hoogleraar Opvoedings- en gezinsondersteuning en methoden aan de Radboud Universiteit. Janssens – ‘ik was best nerveus’ – gaf vanmiddag zijn afscheidsrede, maar voor maandag staat zijn agenda al weer helemaal vol.

Jan Janssens‘Ik begeleid nog vier aio’s, zit in drie commissies en stuur nog studenten in het buitenland aan’, zegt Janssens. ‘Daarnaast ga ik nog een jaar door als interim-directeur bij het Onderwijsinstituut Maatschappijwetenschappen. Ik hoef me de komende tijd echt niet te vervelen.’

Regionaal
Toch komt er vandaag wel een einde aan vijftien jaar hoogleraarschap, en dus gaf Janssens een afscheidsrede. Die ging over de voordelen van regionaal georganiseerde jeugdzorg met een team van goed opgeleide generalisten met kennis van opvoeding en ontwikkeling van kinderen.

Laagdrempelig
Een actueel onderwerp, volgens Janssens.‘De overheid gaat het budget voor bijvoorbeeld jeugdzorg bij de gemeenten neerleggen. Vanaf 2015 moeten de gemeentelijke Centra voor Jeugd en Gezin (CJG) een centrale rol gaan spelen. Dat is een goede ontwikkeling, juist omdat deze centra gevestigd zijn in de wijken en hierdoor zijn ze laagdrempelig en kunnen ze proactief werken. Probleem is dat de CJG’s er op dit moment nog niet klaar voor zijn. We zullen de komende jaren dan ook een verschuiving zien van personeel dat van de geestelijke gezondheidzorg naar een CJG overstapt, dat kan niet anders.’

Efficiëntie
‘Er komt eindelijk steeds meer aandacht voor de effectiviteit van interventies. Dat is ook hard nodig, want er is in Nederland nog steeds een enorme wildgroei aan methodieken. Er zijn talloze instanties die zich bemoeien met bijvoorbeeld gezinsbegeleiding en overal hebben ze een andere methode. Daar is qua efficiëntie en budget nog veel winst te behalen.’

Of Janssens deze ontwikkelingen nog ‘in het veld’ gaat meemaken is de vraag. ‘In 2013 ga ik echt helemaal met pensioen.’ / Tim van Ham

Ruim drie ton voor Rwandeze studenten

Ze kwamen hand in hand over de finish, chemicus Floris van Delft en economiestudente Jane Uwimpuhwe (21). ‘Dat was heel bijzonder’, zegt Van Delft, weer terug op zijn kamer in het Huygensgebouw. Van Delft liep op 19 mei samen met 29 andere mannen een marathon in Rwanda om geld op te halen voor Rwandese studenten en kansarme moeders. Ze haalden 320.000 euro op.

Van Delft was goed voor 12.000 euro. De studie van Kwimpuhwe kan ermee bekostigd worden en daarnaast kan een moeder haar kind een betere toekomst te geven. Hij heeft zowel Uwimpuhwe als de moeder ontmoet toen hij twee weken geleden in Rwanda was. De economiestudente studeert aan de universiteit van Kigali. Ze is ambitieus, merkte Van Delft. ‘Ze zei me dat ze minister van Economische Zaken wil worden.’ Hij lacht. Dat valt nog te bezien. Feit is wel dat hulporganisatie Compassion – die het geld verdeelt – wil dat de studenten meer doen dan alleen studerenFloris van Delft in Rwanda.

Invloedrijke posities
Van Delft: ‘Ze worden ook getraind in moreel leiderschap. Ze moeten sociale activiteiten ondernemen zoals helpen in een weeshuis. Het idee is dat ze aan het eind van hun studie niet alleen een vak beheersen, maar ook klaar zijn om op te klimmen naar invloedrijke posities. Er zijn  voorbeelden dat dat goed is gelukt. In Haïti en Oeganda zijn twee door Compassion gesponsorde mensen parlementslid geworden.’

Heuvelachtig
De marathon hebben de lopers zelf uitgezet. Ze startten 19 mei om zes uur ‘s ochtends. ‘Vreemd genoeg kwamen we op weg naar de start een heleboel joggende Rwandezen tegen. Zo surrealistisch! We hoorden later dat de regering in Rwanda campagne voert om meer studenten aan het sporten te krijgen.’ De temperatuur liep uiteen van 18 tot 25 graden, maar de vochtigheid maakte het zwaar. Daarbij was het gebied enorm heuvelachtig. ‘Op de Zevenheuvelenweg heb ik vaak getraind, maar dat is hier niets bij.’ In totaal hebben de dertig lopers, afkomstig uit heel Nederland, 320.000 euro opgehaald. Genoeg geld om in Rwanda tien studenten te ondersteunen bij hun universitaire studie. / Martine Zuidweg

‘Ik had het helemaal niet verwacht’

Ine van den Heuvel, hoofd van de dienst Marktverkenning, Strategie en Ontwikkeling (MSO), is vanochtend benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau. Ze reageert verheugd maar bescheiden. ’Trots? Ik vind het vooral iets om dankbaar voor te zijn.’

Ine van den Heuvel, Ridder in de Orde van Oranje NassauHoewel ze het wel als een spannende dag heeft ervaren – ‘pas na de uitreiking vloeide de spanning weg’ – is het niet zo dat de benoeming vanochtend als een verrassing kwam. ‘Het is een paar dagen geleden al aan me verklapt, ze hebben me voorbereid. En dat vind ik eigenlijk wel fijn, een verrassing van dit kaliber was niet goed geweest voor mijn bloeddruk.’

Plezier
Van den Heuvel heeft de koninklijke onderscheiding gekregen voor zowel het werk dat ze verzet voor de universiteit, als haar vrijwilligerswerk bij verschillende verenigingen. ‘Ik had het helemaal niet verwacht. Ik doe gewoon mijn werk, met veel plezier. Dat er dan mensen zijn die me dit gunnen, de moeite nemen om het voor me te regelen, is een heel plezierig gevoel.’ Het verkrijgen van het lintje zal natuurlijk worden gevierd. Krijgt het ook een mooi plekje in huis? ‘Het zit in een mooie doos, daar laat ik het inzitten. Maar het krijgt zeker een mooi plekje.’

Nederlandse Leeuw
Vier andere Radboudmedewerkers hebben ook een onderscheiding ontvangen. Bart Jacobs en Didi Braat zijn benoemd tot Officier in de Orde van Oranje Nassau, Jan Bulte mag zich voortaan Ridder in de Orde van Oranje Nassau noemen. Carl Figdor is benoemd tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. / Mark Merks, foto Gerard Verschooten

Nijmeegs wiskundige gekroond tot schaakgrootmeester

Wiskundige Maarten Solleveld mag zich sinds een paar dagen grootmeester noemen. Hij sprokkelde in de schaakcompetitie voldoende punten bij elkaar om de titel te bemachtigen. Zijn titel wordt door kenners als opmerkelijk beschouwd, omdat de 33-jarige Solleveld de wiskunde altijd voorrang heeft gegeven.

Maarten Solleveld‘Voor het eerst sinds Max Euwe heeft een grootmeester tevens een doctorstitel op zak.’ Solleveld maakt de vergelijking om te benadrukken dat de combinatie van wetenschappelijk werk en schaakstudie op hoog niveau zeldzaam is. Dit verklaart mede dat hij – na studie, promotie en werk -  pas op relatief late leeftijd het schaakwalhalla weet te betreden. Vergelijk: Nederlands beste schaker van dit moment, de in Rusland geboren Anish Giri, is zeventien jaar.

Overwinningen
De afgelopen maanden heeft Solleveld er extra aan getrokken om de laatste hobbels te nemen voor de grootmeestertitel. Wat ontbrak waren een paar klinkende overwinningen tegen vooraanstaande tegenstanders. Dat vergde veel training. ‘Ik heb de afgelopen jaren relatief veel gestudeerd, bijvoorbeeld op schaakopeningen van tegenstanders. De komende tijd wordt het weer minder schaken en meer wiskunde.’ 

Wereldtop
De grootmeestertitel is fraai, maar brengt Solleveld nog niet aan de wereldtop. Hij moet in Nederland nog vijftien actieve schakers voor zich dulden, op de Europese ranglijst bezet hij plaats 454. De echte top lijkt, mede gezien zijn leeftijd, onbereikbaar. ‘Hoe verder je komt, hoe harder je moet werken om alleen al je niveau te handhaven’, zegt Solleveld.  Hij hoopt dankzij zijn titel op een paar interessante uitnodigingen voor toernooien. / Paul van den Broek  

‘Mijn complimenten, u bent allen heel rustig’

Hoogleraar Algemene Geneeskunde Jos van der Meer nam vrijdagmiddag afscheid. Hij stond tijdens zijn afscheidsrede stil bij zijn eigen lange carrière, maar ook bij grote veranderingen in de geneeskunde.

Jos van der Meer

Het afscheidscollege met de prikkelende titel ‘Lastige patiënten’ start met wat de ergste nachtmerrie van een spreker genoemd mag worden: geen beeld als gevolg van een kapot kabeltje en geen idee hoe lang de reparatie gaat duren. Van der Meer liet zich er niet door uit het veld staan. ‘Als iets als dit tijdens een college plaatsheeft, vraag ik me altijd af of het daarna ooit weer stil wordt in de zaal. Mijn complimenten, u bent allen heel rustig’, grapte hij zodra het euvel was verholpen.

Lastig
Het predicaat ‘lastig’ uit de titel van het afscheidscollege slaat niet zozeer op vervelende patiënten, maar op patiënten met verwarrende ziektebeelden, met klachten waarop een antwoord niet zo snel in de literatuur te vinden is. Van der Meer heeft in de laatste twintig jaar veel van dit soort ‘lastige patiënten’ naar zich doorverwezen gekregen.

Google
In de lezing blikt hij terug op een aantal van deze bijzondere gevallen, maar kijkt hij ook naar de geneeskunde in het algemeen. Er is in twintig jaar tijd veel veranderd. Van der Meer: ‘We leven nu in het e-tijdperk, zijn gezegend met het internet.’ PubMed, Google, in de handen van professionals zijn het geweldige toevoegingen. ‘In veel gevallen heeft de arts nu binnen een paar seconden het juiste antwoord.’ Maar pas op: er is kennis nodig om te zoeken, aldus de hoogleraar. ‘Ik zou het patiënten ontraden zelf te zoeken. Het levert vaak een foute diagnose op.’ Saillant detail: een arts die zijn of haar eigen klachten onderzoekt op het internet, maakt ook vaak fouten, vaker dan wanneer ze voor een patiënt zoeken.

Zero-tolerance
Van der Meer gebruikt zijn college ook om voor een gevaar te waarschuwen: het overmatige toedienen van antibiotica. ‘Antibiotica worden te vaak, te lang en soms simpelweg verkeerd toegediend.’ Er zal de komende jaren geen nieuw antibioticum op de markt komen, terwijl resistentie tegen de bestaande antibiotica toeneemt. ‘We moeten zorgvuldiger met de bestaande middelen omgaan.’ Van der Meer draagt een aantal oplossingen aan, zoals het delen van kennis, het instellen van een meldingsplicht, maar ook een zero-tolerance beleid: artsen die zich niet houden aan de richtlijnen, moeten worden aangepakt.

Veelzijdigheid
Rector magnificus Bas Kortmann sprak de scheidend hoogleraar toe en roemde de veelzijdigheid van Van der Meer, zowel in zijn academische als bestuurlijke carrière. ‘U hebt vele terreinen binnen de geneeskunde bestreken: nucleaire geneeskunde, vaatziekten, tropische ziekten en farmacie, om er zo een paar te noemen. Als rode draad liep daar echter altijd de belangstelling voor infectieziekten in het algemeen door.’ Daarnaast was Van der Meer jarenlang het hoofd van de afdeling Interne Geneeskunde van het UMC St Radboud en vice-voorzitter van de Koninklijke Nederlandse Akademie der Wetenschappen (KNAW). / Mark Merks

Iedere baas een iPad?

Managers en teamleiders van de Radboud Universiteit worden uitgerust met iPads. Verschillende faculteiten werken al met de tablets, vorige week stapte ook het cluster ondersteuning over op digitaal vergaderen. Is het digitale vergaderen inderdaad een vooruitgang, of betreft het hier een cadeautje?

iPadHet is geen cadeautje, maar een nuttig apparaat, stelt Ineke Blonk, als manager beheer betrokken bij de invoering van de tablets bij de dienst ondersteuning. De teamleiders en managers (30 in totaal) uitrusten met tablets heeft twee doelen: het verminderen van het papiergebruik en het vergemakkelijken van de vergaderingen. ‘Iedereen beschikt op deze manier altijd over de meest recente vergaderstukken. Daarnaast besparen we door digitaal te vergaderen op papier- en tonergebruik.’

Investering
Het is dus een investering die op termijn wordt terugverdiend? ‘Zeker’, zegt Blonk. ‘Vergaderstukken worden niet meer op papier verstrekt.’ Maar digibete managers kunnen ze toch gewoon door hun secretaresse laten uitdraaien? ‘Dat kan, maar daar gaan we niet vanuit. Als dat toch het geval blijkt, dan nemen te zijner tijd maatregelen.’

Compatibel?
Waarom de keuze voor een iPad? Iedereen op de universiteit maakt gebruik van een computer die draait op Windows. Is alles wel compatibel? Blonk: ‘We hebben advies gevraagd en uiteindelijk voor de iPad gekozen omdat het apparaat ook voor beginners makkelijk onder de knie te krijgen is.’ Compatibiliteit is geen probleem. ‘Voordat de tablets zijn uitgedeeld, heeft het GDI (de universitaire ICT-dienst) ze geprepareerd voor gebruik.’

Finetunen
De tablets zijn bij het cluster Ondersteuning nu een week in gebruik,vorige week kregen alle mensen die er mee moeten werken een korte instructie. Qua techniek lijkt alles goed te werken. ‘Het verloopt soepel maar we moeten nog wat dingetjes finetunen’, zegt Blonk. ‘Het is onhandig dat degenen die de spullen klaarzetten, bijvoorbeeld de secretaresses, zelf niet kunnen zien of het werkt. We kijken eerst even hoe het nu gaat, vervolgens gaan we daar mee verder.’ / Mark Merks, foto Dick van Aalst

[in beeld] Op fietse!

Bas Bloem (l.) en Marten Munneke (r.) op de tandem

Vroeg in de ochtend, nog voor zonsopgang, verzamelde een groepje fietsers zich bij het Nijmeegse Keizer Karelplein. Onder hen Parkinson-onderzoekers Bas Bloem en Marten Munneke, die vandaag per tandem een flinke tocht afleggen. Ze fietsen naar Den Haag, om minister Edith Schippers (Volksgezondheid) de eerste editie van Spark Magazine te overhandigen. Spark Magazine is een tijdschrift over Parkinson, gericht op zowel patiënten als personen in hun omgeving, De eerste editie van het tijdschrift is hier digitaal te vinden.

 

Het volledige gezelschap aan de start

 

 

De Nijmeegse onderzoekers worden op delen van de tocht door andere fietsers vergezeld. Zo stonden ook de Nijmeegse waarnemend burgemeester Wim Dijkstra en oud-wielrenner Michael Boogerd aan de start in Nijmegen. Tien kilometer voor de finish in Den Haag haakt een grote groep Parkinson-patiënten aan. Hoe het fietsavontuur verloopt is in tekst en beeld te volgen via Twitter: Bloem en Munneke zijn beide actieve Twitteraars. / Mark Merks, foto’s Mariska Boshoven (UMC)

Twee paarden en een man naar Istanbul

Noud Dirks lost op dit moment een bijna dertig jaar oude belofte aan zijn vrouw in. Hij rijdt op een paard van Nijmegen naar Istanbul. Hiermee hoopt Dirks geld in te zamelen voor de stichting Loop voor Leven, die verbonden is aan het Universitair Medisch Centrum.

In 1976 zei Noud terloops tegen zijn vrouw dat hij ooit per paard van Nijmegen naar Istanbul wilde rijden. In 2009 – toen hij zijn bedrijf had verkocht – werd hij daar door zijn vrouw fijntjes aan herinnerd. Nog drie jaar later, op Tweede Paasdag, is Dirks vertrokken met zijn twee paarden Jan en Karel, een bezemwagen voor de bagage en een forse portie uithoudingsvermogen.
Noud Dirks op weg naar Istanbul
Kankerpreventie

Dirks is er helemaal klaar voor; hij heeft jarenlang getraind, heeft alle papieren in orde en de route over Duitsland, Oostenrijk, Hongarije, Roemenië, Bulgarije en Turkije minutieus uitgestippeld. Door sponsoring van vrienden, familie en een klein legioen aan bekenden hoopt de weldoener maar liefst 100.000 euro op te halen voor de stichting Loop voor Leven, een initiatief van Radboudhoogleraren Maria Hopman, Didi Braat en Nicoline Hoogerbrugge. Doel is om voor het Radboud Universitair Centrum voor Oncologie een kankerpreventiebus aan te kunnen schaffen.

Veearts
‘Het zal een flinke trip worden en we zullen natuurlijk tegen verschillende problemen aanlopen’, zegt Dirks. ‘Mijn grootste zorg zijn de twee paarden. Die moet ik actief en gezond houden. De tocht is 3200 kilometer lang en paarden zijn zo’n beetje de meeste kwetsbare viervoeters die er bestaan. Ze lopen enige risico’s met de pe
[bw]
zen of ze kunnen last krijgen van darmproblemen. Maar je hebt overal ter wereld veeartsen, dus ook dat zullen we wel oplossen.’

Istanbul
Tijdens zijn tocht komt er iedere week een andere ruiter het tweede paard bemannen, zodat Noud zich niet hoeft te vervelen. ‘Al ben ik daar niet bang voor hoor. Het is een jongensdroom die eindelijk uitkomt. Het is één groot avontuur.’ Wat Dirks en zijn gevolg allemaal tegen zullen komen, weten we pas over een klein half jaar. Maar volgens de ruiter hoeven we ons over één ding in ieder geval geen zorgen maken. ‘Op 27 augustus om 13.40 uur kom ik aan in Istanbul. En geen minuut later.’ / Tim van Ham / Foto Flip Franssen